Canada 2008
Vancouver en de West Coast Mountains: Een reisje, niet zoals gepland.
Zoals de
titel al omschrijft, op deze reis is één en ander niet verlopen zoals voorzien,
hier volgt ons relaas.
Begin januari hebben we naar goede gewoonte ons ticket op zak; eind oktober
vertrekken we naar Rajasthan in India. In februari komen we tot besef dat dit
nog lang wachten is en we gaan op zoek naar een goedkoop ticket om er nog even
tussenuit te kunnen in het voorjaar. Onze eerste keuze Nepal wordt al
onmiddellijk uitgesloten, geen betaalbaar ticket meer te vinden. Dan laat Peter
zijn oog vallen op Canada. Ja het is weer eens iets anders, iets nieuw dus
waarom niet. De beslissing is gevallen, we gaan naar het land van de beren en
kopen op 15 februari 08 een ticket naar Vancouver.
“ Canada” is gelegen in Noord Amerika en afgeleid van het indiaanse woord ‘
kanata’ wat nederzetting betekent. Canada is enorm groot, zo’n 326 keer België.
Zowat 33,5 miljoen Canadezen leven er verspreid over een 10- tal provincies.
Vancouver is gelegen in de provincie British Columbia in het uiteerste westen
grenzend aan de Pacific. De hoofdstad van BC is Victoria, maar de grootste stad
is Vancouver. Canada heeft zowat alles; land van ijsvlaktes, uitgestrekte bossen
en wouden, blauwe meren, groene weilanden, land van woeste bergen, machtige
stromen , klaterende watervallen en ontelbare rivieren. Land van de beer, eland,
poema, bizon, wolf…Land van Eskimo’s, indianen en veroveraars en nu gaan ook wij
een klein stukje van dit uitgestrekte land verkennen!
Donderdagavond 22/05/08: We zijn volop aan het inpakken en bij het
tussendoor knabbelen van een koekje bijt Peter een stuk van zijn tand ;bij nader
inzien blijkt het een vulling te zijn die is losgekomen. Nu nog bij de tandarts
geraken blijkt geen optie dan maar vlug naar de apotheek vóór die sluit want het
is al bijna 19u. Met antibiotica en een mondgel kom ik terug, daarmee zal hij
het moeten doen als de pijn begint.
Vrijdag 23/05/08: Om 4u15 stipt vrijdagmorgen staan mijn ouders hier
om ons naar Zaventem te brengen,daar aangekomen moeten we nog even wachten aan
de incheckbalie . Wanneer we van onze bagage verlost zijn gaan we samen
ontbijten en daarna is het tijd om afscheid te nemen. We staan in Londen voor we
het goed en wel beseffen en vinden ook vlot terminal 3 vanwaar we moeten
vertrekken naar Vancouver. We vertrekken rond 10u30 met een klein half uurtje
vertraging. De vlucht verloopt goed, wat het eten betreft bij Air Canada kunnen
we kort zijn; niet bijzonder en weinig. We landen rond 12u 20 in Vancouver en
kort na aankomst rolt onze bagage van de band. We begeven ons naar de uitgang
want daar moeten we telefonisch kontact opnemen in verband met onze huurwagen.
Ergens buiten het luchthavengebouw komt een busje ons oppikken om ons naar onze
auto te brengen. Na het regelen van het contract kunnen we eindelijk vertrekken.
Onze knalrode Toyota Yaris is een automatiekske wat wel even wennen is voor
Peter. We begeven ons onmiddellijk naar West Broadway waar de MEC store gelegen
is. Peter heeft via internet een paar Cobra ijsbijlen besteld en hoopt dat die hier
zullen klaarliggen. De straat vinden we gemakkelijk, de winkel zijn we maar een
keer voorbij gereden. Het is een mega store, we weten niet waar eerst kijken en
we zijn moe. De ijsbijlen zijn juist binnengekomen en Peter zijn geluk kan niet
meer op. We dwalen nog wat rond in de winkel, kopen nog een paar spullen en
besluiten dan te vertrekken want we willen nog doorrijden naar Squamish, maar
eerst uit Vancouver geraken! Het is in feite niet moeilijk; we moeten de Sea to
Sky hwy volgen in noordelijke richting. Maar zonder degelijke kaart kunnen we
die niet vinden en rijden hopeloos verloren in Dowtown Vancouver…Aan om het even
wie we de weg vragen niemand kan ons helpen, weet het niet, is niet van hier, is
toerist, tot uiteindelijk en vriendelijke dame roept dat we haar mogen volgen.
Eens op de N99 zijn we vertrokken en via de Lions Gate bridge rijden we
Vancouver uit. De ganse weg tot in Squamish zelfs tot Whistler is herschapen in
een bouwwerf, de twee rijvakken moeten er vier worden tot
2010 want dan worden
hier de Olympische winterspelen gehouden. Dus met een snelheid van 30-50 en
uitzonderlijk eens 80km/h tuft onze Yaris richting Squamish. Daar aangekomen
gaan we iets eten bij Mc Donalds bij gebrek aan iets anders en zoeken we zo vlug
mogelijk een slaapplaats want we zijn doodmoe. Onze keuze valt op: ‘The Garibaldi Budget Inn’ mooie
ruime kamers met twee grote bedden, grote badkamer, frigo, microgolfoven en zeer
rustig gelegen achter de hoofdstraat. Na het uitpakken vallen we beiden als een
blok in slaap.
Zaterdag 24/05/08: De volgende morgen maken we onze rugzakken klaar
voor de tweedaagse naar Elfin lake. In de Nesters Supermarkt kopen we ons eten
en in de plaatselijke outdoor shop gaan we gas kopen om te koken in de hut.
Peter vertelt de verkoper over onze plannen en die man schrikt een beetje en
begint op zijn computer op te zoeken; blijkt dat er nog zo’n 80cm sneeuw ligt op
de parking ( vertrekpunt) en nog een kleine 3m aan de hut… Daar gaan al ons
geplande tochten. We zijn een paar weken te vroeg en dit jaar duurt de winter nu
net iets langer!
We staan wat verweesd te kijken en vragen de verkoper naar
alternatieven. Hij beveelt de Stawamus Chief aan, een wandeling die leidt naar
de top van de enorme granieten wand die Squamish overheerst maar ook op de
wereldkaart zet qua rots klimmen. In 1961 bedwingen Jim Baldwin en Ed Cooper de
‘ unclimbable’ rock face. Nu onze tweedaagse niet doorgaat gaan we eerst terug
naar de Garibaldi Inn en boeken onze kamer voor een tweede nacht, pakken alles
terug uit en maken een dagrugzak klaar voor vertrek. Stawamus Chief is de op één
na grootste rotsmonoliet ter wereld. Een paradijs voor rotsklimmers en dat zal
ik geweten hebben want ik ben geen rotsklimmer en geraak dus niet voorbij het
startpunt die begint met een paar rotsblokken die moeten beklommen worden.
Daarachter leiden treden en trappen constructies 500m hoger naar de top. Niet
voor mij dus… We stappen terug naar de parking, Peter is ontgoocheld en
pisnijdig. En wat nu, ik kijk even in onze brochure en stel voor om naar Alice
Lake te gaan, zo’n 13km ten noorden van Squamish. We rijden ernaartoe met veel
beeld en weinig klank. Tijdens de tocht rond het meer, nog altijd in stilte
hebben we beiden tijd om na te denken en tot inkeer te komen. Het al dan niet
slagen van onze vakantie ligt in onze handen; we kunnen blijven mopperen of er
ondanks de gewijzigde planning toch nog proberen het beste van te maken. Tijdens
onze picknick besluiten we beiden voor het laatste te gaan. We zien wel wat er
op ons afkomt… en een grote kleurrijke vlinder beurt ons beiden weer op.
We beginnen aan de ‘Four Lakes trail’; met een bang hartje begeven we ons in het
bos, ja we zitten toch in berenland en ze moeten toch ergens zitten. Een mooi
pad leidt ons via Edith Lake naar Fawn Lake. Niet ver voorbij Fawn Lake zien we
ons eerste diertje, nee geen beer… maar een eekhoorntje die zaadjes uit een
denappel peutert. Het pad slingert verder door het woud en via Stump Lake komen
we terug bij Alice Lake, full cirkle. We keren terug naar Squamish, gaan er
inkopen doen, eten en voor we gaan slapen pakken we ons boeltje wat bijeen want
morgen vertrekken we naar Whistler.
Zondag 25/05/08: We zijn al vroeg op en klaar om te vertrekken als
blijkt dat het onthaal van ons hotel nog dicht is. Dan gaan we maar even
wandelen want we hebben Squamish nog niet echt verkend. De eerste inwoners waren
indianen die leefden van jacht en visvangst. In 1792 kwamen de eerste blanken
met captain George Vancouver hieraan om handel te drijven met de indianen. Rond
1850 werd Squamish overspoeld door goudzoekers. Rond het einde van de jaren 1800
ontstaat de eerste non- natives nederzetting en geleidelijk aan, met de aanleg
van een spoorlijn en later de Sea to Sky Hwy groeit deze uit tot het Squamish
van vandaag. We steken de hoofdstraat Cleveland Av. over die er nog rustig en
verlaten bij ligt. Aan de oever van het Mamquam Blind Channel worden we
opgeschrikt door twee stoeiende wasberen. Richting jachthaven hebben we een
mooie zicht op de Stawamus Chief. Ondertussen zien we ook het eerste
watervliegtuig vertrekken. De vroege morgen heeft ook zijn charmes . Op de weg
naar Whistler is het weer tuffen tegen 30 en 50km/h. Dit trage tempo heeft ook
zijn voordeel, ik heb veel tijd om rond te zien… En plots gebeurt het zo
halverwege tussen Squamish en whistler. Waar ik alleen maar durfde van dromen
maar in stilte toch een beetje hoopte… Ik heb een beer gezien, langs de kant van
de weg . Een zwarte beer die stond te snuffelen in het gras. Jammer dat we niet
even kunnen stoppen of omkeren voor een foto, maar door de wegenwerken is dit
onmogelijk. Een 3- tal km voor Whistler Village gaan we op zoek naar een
slaapplaats in de Fireside lodge. We kunnen nu niet binnen maar men heeft wel
een kamer vrij voor ons en alles kan vanavond geregeld worden. Dan maar door
naar Whistler en even langs het info center. Whistler is een typisch mondain ski
resort gebouwd rond de skigebieden van whistler- en Blackomb mountain. Het een
van de grootste ski oorden van Noord Amerika. Het is er poepchic en peperduur!
Whistler trekt het ganse jaar door veel toeristen aan, men kan er naast het
skiën ook terecht voor allerlei
outdoor activiteiten; wandelen, mountainbike,
down hill, kajak, rafting… Ja, hier lopen kleurrijke figuren rond. Na wat
verkenning en shopping gaan we met de excalibur gondola omhoog, deze brengt ons
via een tussenstation en een overstap naar ongeveer 1200m hoogte waar ze nog
volop aan het skiën zijn. We eten onze picknick op en een Canadese gaai komt een
kruimeltje meepikken. Het is kort genieten van het prachtige uitzicht want het
begint te regenen. Regenjas aan en terug naar beneden. Het is onvoorstelbaar
hoeveel mensen er nog naar boven komen zonder regenkledij en aangepaste
schoenen!Tijdens het afdalen zien we in de groene grasvlaktes onder de lift een
beer lopen, amaai wat komen die dicht tegen de bewoonde wereld! Als we terug
beneden komen is het aan het gieten, we vluchten ergens binnen en genieten van
een warme soep. Na de stortbui terug naar de Fireside lodge; een typische houten
hut heel stijlvol ingericht met eenvoudige kamers, een zeer grote keuken waar
alles voor iedereen ter beschikking staat om zelf te koken, een grote living
ingedeeld in aparte zithoeken, douches, sauna, ontspanningsruimte, terras, echt
een gezellige toffe keet. ’s Avonds is het genieten bij het zien van de vele
kolibries.
Maandag 26/05/08: We rijden terug naar Whistler en zien van op de
parking een berenmoeder met twee jongen in de groene vlaktes juist boven
whistler village niet ver van de bewoonde wereld. Bij het nemen van mijn
zonnebril uit mijn rugzak schiet er weer iets in mijn rug. Na het nemen van wat
medicatie besluiten we toch om te vertrekken. Aan een traag tempo stappen we via
Lost Lake naar Green Lake. Op een bank met zicht op het meer omringd door
besneeuwde bergtoppen is het puur genieten van het uitzicht en de picknick. Na
de rust, met de rug lukt het wel
het terrein is vlak, keren we terug via de Sentennial trail. Op dit pad is geen mens te zien, wel ne grote verse nog bijna
dampende berenstront. Tijd voor de berenbel dus, we hebben gebeld tot onze arm
er pijn van deed, geen beer of mens gezien..goe belleken é. Terug in Whistler
trakteren we onszelf op een lekkere koffie, daarna gaan we inkopen doen in de
Grocery store. Peter maakt spirelli met bolognese saus, mmm dat was smullen. Na
de afwas nog een beetje kaarten en slapen.
Dinsdag 27/05/08: Vandaag vertrekken we te voet vanuit de lodge.
Langs de oever van het Alta Lake via de Whistler moutaineer spoorlijn, waar we
een mooie blauwe vogel zien, de steller’s jay. Van het Rainbow park langs de
Valley trail naar het Meadow park. We lunchen in Meadow park aan de River of
Golden Dreams, alleen de naam al en daar nog het panorama bij; je zou van minder
melancholisch worden. Via Green Lake en
Lost Lake komen we terug naar Whistler.
Tijd voor een lekkere koffie. In de Grocery store kopen we verse pasta met
spinazie, kotelet en roomsaus, dat zal smaken. Eerst nog de 3 laatste km stappen
naar de lodge. Na een frisse douche duiken we de keuken in. Terwijl Peter aan
het koken is ga ik op het terras. Een studente die daar reeds ganse tijd
verblijft komt mij achterna en roept is de beer daar? Een beetje geschrokken kijk ik haar aan, maar ze beweert vol overtuiging dat hier
regelmatig een beer op het terras loopt…
Het eten is overheerlijk maar dat
verhaal blijft door mijn hoofd spoken waardoor ik een vrij onrustige en
slapeloze nacht tegemoet ga. Idem dito voor Peter…
Woensdag 28/05/08: Om 5u zijn we reeds wakker, Peter vindt het nog
te vroeg om raam en gordijnen te openen en wacht nog tot rond 6u. Rond 7u horen
we iets… smekken smakken, we kijken elkaar aan, Peter springt uit bed en kijk
door het raam… de beer zit hier, een bruine beer die ons ook gehoord heeft, ik
kan nog net een wazige foto nemen alvorens hij stilletjes het bos insluipt.
Ongelofelijk, onvoorstelbaar, veel
dichter kon hij niet komen! Voor de Canadezen
is dit blijkbaar een alledaagse gewoonte, zij leven hier met die dieren, voor
ons daarentegen een unieke en onvergetelijke ervaring! Onze laatste dag Whistler
vandaag en we gaan nog eens met de excalibur lift omhoog, beren spotten. We
hebben weer prijs en gaan voor een tweede rondje maar de beer was verdwenen. Ik
kom op het lumineuze idee om via de grind weg te voet naar het tussenstation te
stappen. Aan twee wandelaars vraag ik of we op het juiste pad zitten, ja zegt
die man maar het pad loopt via een grote omweg, je kan hier ook gewoon rechtdoor
naar beneden stappen, pas daar verder wel een beetje op want daar loopt een
grote zwarte beer. Bij het zien van dat beest, besluiten we om toch maar het pad
te volgen dat steeds verder in de andere richting wegdraait. Tot we na een bocht
op een bord stuiten; verboden voor wandelaars, weg onder constructie ! Hier
staan we dan, omkeren en terug omhoog naar de lift. Ik had ook eens een idee!

Opeens blijft Peter als versteend staan, er loopt een zwarte beer niet ver voor
ons langs de kant van de weg. Dat kan tellen voor den tikker! Als een bezetene
begin ik met die berenbel te zwieren maar dat beest kijkt niet eens op . Dit
geluid zou een beer niet kunnen verdragen…tarara, hij heeft die bel niet eens
gehoord, snuffelt nog wat rond, steekt op zijn gemak het pad over, nog wat
snuffelen en verdwijnt dan ineens vliegensvlug het bos in. Nadat we bekomen zijn
van schrik en emotie stappen we in één ruk door naar de lift. Weet je, het zijn
die dingen die een reis onvergetelijk maken! Onze geplande tochten zijn dan wel
in de sneeuw gevallen,maar juist door die vele sneeuw kwamen de beren op de
lager gelegen flanken voedsel zoeken en hebben we geluk gehad er zoveel te zien!
De laatste avond Whistler en we gaan onszelf nog eens goed verwennen met ne
supersteak provençale ! Na het inpakken gaan we slapen, we willen morgen vroeg
naar Vancouver vertrekken.
Donderdag 29/05/08: Om 7u30 zijn we al op weg richting Vancouver,
het gaat redelijk vlot en omstreeks 9u30 rijden we Vancouver binnen op zoek naar
hotel Patricia. Met onze nieuwe betere kaart gaat het goed en om 10u is de kamer
reeds geboekt en de bagage uitgeladen.We rijden nog even langs de Mec store, ze
hebben daar zoveel wat ik zou willen maar een mens moet keuzes maken. In de
namiddag moet onze huurauto terug binnen, we komen naar Downtown terug met de
bus, een goed en goedkoop vervoermiddel hier; voor $2,5 kan je anderhalf uur
bussen.
We stappen af aan Waterfront station. Onze ontdekkingstocht kan beginnen.
Victoria is de hoofdstad van BC maar Vancouver is met zijn 600 000 inwoners de
grootste stad. De stad ligt aan de Straat van Georgia een deelzee van de
Pacific. Het rode gebouw van Waterfront station is een mooi gebouw in koloniale
stijl, hier kan je de bus, trein, skytrein en seabus nemen. Via een zijuitgang
komen we terug buiten op een terras met zicht op Canada Place maar de grijze
laaghangende wolken verstoren het uitzicht. Hier komen we op een zonnige dag
best eens terug.
Via Granville verdwijnen we in de straten van Downtown tussen de glazen
wolkenkrabbers en komen er via trappen, roltrappen en allerlei
passages terecht
in supergrote mega shopping centers. Daarna stappen we via Waterstreet naar
Gasstown, genoemd naar de Engelse zeeman John ‘Gassy Jack’ Deighton. Hij kwam
hier in 1867 aan en bouwde er een eerste saloon. Zijn ellenlange monologen gaven
hem zijn bijnaam ‘Gassy (breedsprakerig) Jack’. Het dorp dat rond de saloon
ontstond werd ‘Gassy town’ genoemd. Er zijn veel souvenirwinkels, de oude
stoomklok en het standbeeld van ‘Gassy jack’. Via West- Hastings stappen we te
voet naar het hotel, algauw merken we dat we hier in het minder fraaie deel van
Vancouver zijn beland. Hier leven de meeste mensen met alles wat ze hebben op
straat, alles draait hier rond alcohol, drugs en prostitutie. Zo’n taferelen
hebben we nog
nooit eerder gezien, het is angstwekkend. Het is de eerste maar zeker de laatste
keer dat we dit traject te voet afleggen en aan een recordtempo stappen we naar
het hotel.
Vrijdag 30/05/08: Ik heb nog steeds rugpijn en daarom kan de orca
uitstap niet doorgaan, met een zodiac hotsen en botsen over het water is niet
aan te raden voor mensen met nek- en rugklachten (staat trouwens in elke
brochure vermeld).Na het ontbijt nemen we de bus naar het Vancouver aquarium in
Stanley Park. Hier stappen we werkelijk de onderwaterwereld binnen met zijn
enorme kleurenrijkdom aan vissen, zeesterren, zeeanemonen, octopussen, haaien,
kwallen, zeepaardjes…Er loopt ook een tijdelijke tentoonstelling met zeldzame
kikkers. Buiten zien we dolfijnen, zeeleeuwen, schattige otters en de belugas;
dit zijn witte dolfijnen die leven in de Noordelijke Ijszee rond het
Noordpoolgebied. Ze hebben een krachtig lichaam dat tot 5m lang kan worden met
een kleine afgeronde kop met korte snuit en bestaan voor de rest hoofdzakelijk
uit blubber, een dikke speklaag om te overleven in het ijskoude water. Na het
Amazone biotoop zijn we rond maar dit is een echte aanrader en trouwens een van
de topattracties van Vancouver. Stanley Park zit vol eekhoorntjes en er komt
zelfs eentje uit mijn hand eten.Te voet terug naar Downtown via Denman en Robson
street, dit is het mecca voor shoppers, hier zijn alle grote couturiers en
modehuizen terug te vinden. Aan de buitenkant van het Harbour Center brengt een
glazen lift met 50 verdiepingen en 180m hoger naar de Vancouver lookout met een
spectaculair 360° panoramisch zicht op de stad, de haven en de Coastal Mountain
Range . Het weer is schitterend vandaag met een prachtig helder blauwe hemel,
ideaal om nog even langs Canada Place te gaan. Met zijn witte zeilen hét
stadsicoon van Vancouver. Canada Place is in 1986 gebouwd ter gelegenheid van de
wereldtentoonstelling, Vancouver bestond toen 100 jaar, nog vrij jong zoals de
meeste steden in Noord Amerika. Canada Place bevat congres- en
tentoonstellingszalen, een imax cinema, het Pan Pacific hotel en het is ook een
terminal voor cruise schepen. De supergrote luxueuze drijvende hotels vertrekken
van hieruit naar Alaska, schijnbaar een van de mooiste cruises ter wereld. We
zien hier de Nederlandse Veendam vertrekken. Vanaf de promenades hebben we mooi
zicht op de stad, Stanley Park, de bergen aan de overkant van de baai, de
aanvliegende watervliegtuigjes en de haven, trouwens een van de belangrijkste havens ter
wereld.
Na het eten nemen we de bus naar het hotel.
Zaterdag 31/05/08: We gaan terug naar Stanley park, met zijn 400
hectare het grootste stadspark van Canada en het derde grootste van Noord
Amerika. We stappen rond het park langs de 9km lange Seawall promenade met een
gedeelte voor fietsers en skaters en een voor wandelaars. Vanaf de promenade
hebben we een schitterend zicht op de skyline van Vancouver en de jachthaven.
Deze tocht is een aaneenschakeling van prachtige beelden. Via de vuurtoren van
Brockton Point naar het meisje in badpak verder langs de Burrard Inlet onder de
fameuze Lions gate brug. Even voorbij Siwash rock, een losstaande rots, stoppen
we voor de picknick op Third Beach. Na de rustpauze op dit mooie strandje
stappen we verder via Second Beach naar English Bay & Beach. Hier staat het
Inukshuk beeld, hét symbool van de Olympische winterspelen in 2010. Inukshuk is
te vergelijken met een steenman uit de Alpen of Himalaya. Het is ook een
opeenstapeling van stenen, in de vorm van een persoon die de weg wijst, een
oriëntatiepunt in het landschap. ‘Inukshuk’ stamt uit de taal van de Inuit of
Eskimo’s en staat symbool voor kracht, leiderschap en motivatie. Onze tocht is
rond maar we zijn de totempalen vergeten? Dan maar terug via Lost lagoon waar
talrijke Canada ganzen rondzwemmen. De totempalen zijn een toeristische
trekpleister, een totempaal wordt uitgehakt uit een volwassen ceder en is in
essentie een embleem van een familie of clan. Na de foto’s wil Peter nog wel
eens langs de Mec store, hij heeft nog een paar zaken gezien waarvan hij nu
spijt heeft dat hij ze vorige donderdag niet gekocht heeft. We nemen een bus aan
Stanley Park en hebben geluk want we zitten meteen op de goeie die ons op 10min
stappen van de Mec store afzet. Na de shopping nog een lekkere pizza en de dag
zit er weeral op. Tijd om in te pakken want morgen is de laatste dag!
Zondag 01/06/08: We laten onze bagage achter in het hotel en
stappen te voet naar China Town waar we eerst gaan ontbijten. Het is een van de
grootste China towns van Noord Amerika. Met zijn typische restaurants, kruiden
en specialiteiten winkels een kleurrijke bedoening. We lopen langs de Millenium
gate naar Dr. Sun Yat Sen garden. Het is de eerste klassieke tuin op ware
grootte ooit buiten China gebouwd. Genoemd naar de vader van het moderne China
.De bouw begon in 1985 en was in 1986 net voor de expo klaar. De tuin
vertegenwoordigt de filosofie van yin en yang; licht staat in balans met donker,
ruw en hard staan in balans met hard en vloeiend, zo ook klein met groot. Zoals
gewoonlijk bevat de klassieke Chinese tuin 4 hoofdelementen; gebouwen, stenen,
planten en water. Alles is gekozen omwille van zijn symbolische betekenis. Een
ware oase van rust in deze metropool. De laatste uren van onze vakantie
spenderen we langs de vele wandelpaden in Stanley Park, met zijn mooie
bloemperken en bomen zoals de Douglasspar , de Hemlockspar en de
reuzenlevensboom (Westren Redcedar) waarvan er vele honderden jaren oud zijn.
Langs het Beaver Lake zien we weer vele eekhoorntjes, een reiger en de
epauletspreeuw een zwart vogeltje met roodgele kleuren in de vleugels.Onze
laatste dollars spenderen we aan nog wat souvenirs in Gasstown. Nu nog onze
bagage ophalen en met de B-line bus naar de luchthaven. We komen goed op tijd
aan en dat is maar goed ook want de weg vinden naar de incheckbalie is niet zo
simpel. Eenmaal van onze bagage verlost, nog eens lekker vettig doen; hamburger
met friet. Nog wat ronddolen in de shops en dan naar de gate, we kunnen op tijd
instappen en vertrekken rond 20u30. Het uitzicht op Vancouver wordt kleiner en
kleiner en al gauw vliegen we boven de wolken. Het is voorbij en de lange vlucht
kan beginnen. Hopelijk kunnen we want slapen als we straks op Heathrow landen is
het al maandag 13u30.
Maandag 02/06/08: We hebben beiden wat geslapen maar dat lange
zitten is nefast voor mijn rug, de pijn is heviger. Als we op Heatrow landen is
het nog 2u wachten op de vlucht naar Brussel. We zijn om 16u30 klaar voor
vertrek maar stijgen pas een half uur later op wegens hevig onweer boven
Brussel. Er moet een andere aanvliegroute genomen worden en vliegen door in
zuidelijke richting. Op een gegeven moment blijven we boven Charleroi cirkelen,
en denken dat we hier gaan landen maar uiteindelijk vliegen we weer door en komt
Brussel in zicht maar de bliksemschichten vliegen hier in het rond. Met 1uur vertraging zet het toestel zijn wielen aan de grond. De bagage rolt
vlot van de band en aan de uitgang staan mijn ouders ons op te wachten. Bij een
drankje worden de eerste verhalen verteld maar we zijn moe en ik heb pijn. Een
klein uurtje later zijn we terug in Aalst en betekent dit alweer het einde van
een mooie reis!
Epiloog:
2 hernia’s en 3 infiltraties later:
Zo’n 3 a 4 weken na de reis is voor mij het gepaste moment voor het reisverhaal.
Ik heb alles een plaatsje kunnen geven en de belevenissen zitten nog fris in het
geheugen.
Dit kleine stukje van het o zo grote Canada is alweer iets nieuw in ons grote
avonacu avontuur. Het is weer mooi geweest, hoe kort de reis ook was de
indrukken van die enorme natuurpracht staan voor altijd op ons netvlies gebrand.
We kijken beiden met een beetje gemengde gevoelens terug op Vancouver. Een
enorme wereldstad met grote wolkenkrabbers , een prachtige skyline en Stanley
park als groene oase van rust. De stad haalde in 1986 de wereldtentoonstelling
binnen en geeft op dit moment miljoenen dollars uit aan wegen en allerlei
infrastructuur voor de Olympische winterspelen van 2010, maar laat zijn eigen
mensen ondertussen letterlijk en figuurlijk op straat in de kou laat staan. We
hebben ondertussen wel al wat armoede gezien in Nepal en India, maar dit is
anders. Zoveel arme en verslaafde mensen bijeen dat hebben wij nog nooit gezien!
Ze leven er verdrongen in een bepaald gedeelte van de stad met hun ganse hebben
en houden op straat. Dit zijn schrijnende, wraakroepende beelden als je weet dat
geld voor een eventuele oplossing niet het echte probleem kan zijn maar het
vindt
blijkbaar niet de weg naar deze mensen en dit gedeelte van de stad…
De natuur daarentegen heeft ons overdonderd; prachtige wouden met kathedralen
van bomen, eeuwenoude ceders, ontluikende voorjaarsbloemen, prachtige meren,
klaterende watervallen, een rijke variatie van wilde dieren…kortom een paradijs
voor mens en dier. Op het eerste zicht zou ik bijna gaan denken dat er hier een
soort harmonie gevonden is voor het samenleven van mens en dier. Alhoewel we nu
reeds met zekerheid kunnen zeggen dat ook hier de prachtige wouden met een
enorme rijkdom aan diersoorten stilletjes aan zullen verdwijnen om plaats te
maken voor ‘de mens’. Waardoor de kans alsmaar groter wordt dat deze grote
prachtige dieren zoals eland en beer en met hen vele andere diersoorten met
uitsterven bedreigd zijn.
Het zou zonde zijn maar ik vrees ervoor want terwijl ik dit schrijf loopt er op
tv één een prachtige documentaire;’De aarde vanuit de hemel’ van Yann Arthus
Bertrand. Hij toont prachtige luchtfoto’s en beelden van over de ganse wereld,
maar geeft er ondertussen angstaanjagende cijfers bij die aantonen hoe we er als
mens in slagen om al dat natuurschoon in een recordtempo te verwoesten…
Is de mens dan echt de enige fout van de natuur? We zijn de enige schepsels op
aarde die een verstandelijk vermogen hebben weten te ontwikkelen, maar het lukt
ons blijkbaar niet om dit in harmonie met natuur en dier te gebruiken. Alles
draait om geld en macht en alles zal hier voor wijken…
Hadden wij de aarde niet in bruikleen van onze kinderen? Het wil maar niet tot
ons doordringen dat de ondergang van natuur en dier ook onze eigen ondergang
wordt, want alles wat leeft is met elkaar verbonden.
We stammen dus af van dieren maar gedragen ons nog steeds als beesten
tegenover natuur en dier die het bedenkelijk geluk niet hadden te evolueren tot
mensen!!! Vandaar misschien “ DIERENRIJK “ en “MENSDOM “!